Tehtehtehtehteh, tiedelietiedelie: 04.14 uur, twee wekkers gaan af. De tiedelietiedelie stopt vanzelf maar de irritante tehtehtehteh sla ik iedere morgen met gepaste ergernis op z’n kop. Ik draai me nog een keer om, sla mijn armen om dat heerlijke warme Siggy-lijfje naast me en sluit de ogen gelukzalig.
Het is het ergste en het genoegzaamste moment van de dag. Het erge ga ik niet nader verklaren, het genoegzame bestaat uit lome liefdevolle warmte, het willige lijfje dat zich geheel naar mijn contouren schikt om zoveel mogelijk oppervlak contact te krijgen en te houden, en de tevreden zuchten van ons beiden. We zwelgen 10 minuten in dit geluk, en dan steekt tehtehteh de kop weer op.
Klaar, eruit, een werkdag begint. Ik vraag 2 andere luie lijven of ze lekker hebben geslapen. Koffie, thee en een klein stukje krant, douchen, aankleden.
Nauwlettend wordt iedere handeling van mij in de smiezen gehouden, een ieder kent de drill hier in huis. Het startsein om overeind te komen is het pakken van mijn laarzen; plotseling is de gang te klein wegens 3 galgo’s die zelfstandig hun halsbanden en riemen willen aantrekken, en er is er ook eentje die zelfs mijn laarzen wil aantrekken.
Ik pak een fietslampje en steek dit op Caba’s halsband: vandaag ga ik zijn geheim ontrafelen...
Hop, de auto in, naar de schapenwei. De laatste weken is dit het absolute hoogtepunt voor mijn roedel: 3 kwartier struinen in het pikkedonker terwijl ik mezelf met een mijnwerkerslampje door een mijnenveld van konijnengaten werk, af en toe raast er een galgo langs me in de duisternis.
Maar sinds het echt donker is gedurende deze ochtendwandelingen, verdwijnt Caba spoorloos, natuurlijk precies als ik ze na 3 kwartier weer wil inpakken om voort te gaan.
Al 4 dagen sta vergeefs te roepen en te fluiten: geen beweging, geen geluid te bespeuren. Slechts de drastische aanpak van Siggy en Diesel in de auto te zetten en de motor te starten maakt dat Caballero opeens vanuit het niets bij het hek staat. Met schuldbewuste smoel, want een kwartier lang niet luisteren is een ernstige zaak......
Mijn roedel staat die ochtend bij aankomst stijf in de riemen om weg te galopperen, triomfantelijk doe ik het lampje bij Caba aan en gooi de trossen los: Caba verandert in een dwaallicht in de verte..... Perfect! Appeltje in de aanslag, en hoppa, even een paar kilometertjes trekken. Ik kan Caba perfect volgen en als ik na 2 kilometer omkeer zie ik het licht gewoon meedwalen benedendijks. Hmmm, ik dacht toch dat hij in die grote holen aan het einde bleef steken, maar nee.... toch niet! Al gaande zie ik het licht keurig meedwalen richting hek totdat het voor een volle minuut verdwijnt. Siggy en Diesel voelen mijn spanning, want ze staan plots naast me terwijl we het licht terug zien verschijnen in.... de weilanden naast de schapenwei! Dwaallicht doet niet meer mee, er raast een voetzoeker op topsnelheid in de verte!
Het kwartje valt: die konijnen verdwijnen onder de grond, maar señor Caballero heeft de hazen ontdekt! Geen wonder dat ik naar hem kan fluiten tot ik een ons weeg.
Ik brul uit alle macht en de voetzoeker verandert in een langzame vuurtoren: Caba begrijp dat ik hem door heb met mijn doelgericht brullen en staat betrapt en beteuterd om zich heen te kijken: dwaallicht begeeft zich weer in goede richting.
Ik kan Caba zelf niet zien, maar een rennende Caballero die plots stilstaat en dan om zich heen koekeloert op zo’n manier van “oh my dog, ze heeft me in de gaten, dus nu moet ik wel luisteren” tovert onmiddellijk het bijpassende schuldbewuste smoeltje op mijn netvlies, een van Caba’s specialiteiten. Gillend van de lach strompel ik terug naar het hek, waar Caba me melancholiek aankijkt “ben je boos?” Nee natuurlijk niet Caba.
Ik vind het stiekem jammer voor je dat ik je inderdaad je geheim heb ontfutseld.
En nu ben ik nieuwsgierig wat jij morgen gaat doen, nu jij weet dat ik het weet......
Geschreven door: Annerie Teeuwen, november 2009
Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.